Groot, Pieter de (1615-1673)

Wapen:gevierendeeld: I en IV in zilver drie zwarte posthoorns, goud beslagen, geopend en gemond en in een blauw hartschild een achtpuntige gouden ster; II en III in zwart drie bezanten, geplaatst als een schuinbalk, vergezeld boven van één en beneden van twee kraaien, alles goud.
Wapenvoerder(s):
Groot, Mr. Pieter de, geb. Rotterdam 28 maart 1615, raad in de vroedschap van Rotterdam 1672 (gekozen 26 mei 1672, ontslagen 21 augustus 1672), pensionaris van Rotterdam 1669-1672, gecommitteerde in de Staten Generaal 1672, advocaat te Den Haag 1631, later te Amsterdam 1640-1648, raad en resident van de Keurvorst van de Palz, de Koning van Bohemen, de Vorst van Oost-Friesland, de Hertog van Oldenburg en van Maria Elisabeth, gravin van Bergen, Markiezin van Bergen op Zoom, echtgenote van Eitel Friedrich von Hohenzollern. In 1660 was hij pensionaris van Amsterdam, ging in 1667 als gezant naar Zweden en naar Frankrijk 1670-1672, overl. op Boekenrode bij Haarlem, begr. Delft (N.K.) 2 juni 1678, zoon van Mr. Hugo de Groot en Maria van Reygersberg.
Hij huwde 1e Rijswijk 21 oktober 1652 (ondertr. Den Haag 6 oktober 1652) met Agatha van Rhijn, geb. Den Haag 10 december 1627, overl. Antwerpen 21 januari 1673, begr. Delft (N.K.) 27 januari 1673, dochter van de R.K. procureur Johan van Rhijn en Catharina Canter(s).
Hij huwde 2e 7 juli 1675 (ondert. Den Haag 26 mei 1675) met zijn nicht Alida de Groot, geb. Den Haag 24 juli 1631, overl. aldaar 3 oktober 1693, begr. Delft (N.K.) 9 oktober 1693, dochter van Willem de Groot en Alida Graswinckel.
Bron(nen) en lit.:
  • E.A. Engelbrecht, De vroedschap van Rotterdam; in: Bronnen voor de geschiedenis van Rotterdam, deel V, blz. 223.
  • Cornets de Groot; Nederland’s Patriciaat (1962) blz. 47.
Wapen:
  • G.A. Delft, W. van der Lelij, Namen en Wapenen der Ed. Agtbare Heeren Raaden in de Vroedschap der Stad Rotterdam.
Afbeelding:
Museum Het Prinsenhof PDS 23