Hoogenhouck Tulleken, Jan van (1762-1851)

Wapen:gevierendeeld: I en IV in goud een zwarte dwarsbalk beladen met twee zilveren ramskoppen, goud gehoord; II en III in rood drie gouden arendsbenen, groen genageld.
Helm:twee helmen.
Wrong:recht: zwart en zilver; links: goud en rood.
Helmteken:rechts: een ramskop met hals als van het eerste kwartier, links: een omgekeer gouden arendsklauw houdende een zilveren raap met groene bladeren.
Dekkleden:rechts: zwart en goud; links: goud en rood.
Schildhouders:rechts: een zeepaard van natuurlijke kleur, de rechterpoot rustende op een zwart anker met een bruin dwarshout; links: een griffioen van natuurlijke kleur met gesloten, naar boven gerichte vlucht, de staart omhoog, het bovenlijf en de vleugels zilver en met een pijlpuntige rode tong.
Plaatsing:het geheel geplaatst op een gouden arabesk.
Spreuk:REPOS AILLEURS
Wapenvoerder(s):
Hoogenhouck Tulleken, Jhr. Jan van, geb. Amsterdam 25 januari 1762, ged. ald. (O.K.) 31 januari 1762, 1762, officier admiraliteit te Amsterdam 1779, kapitein ter zee 1786, uitgeweken naar Engeland 1795, uit dienst 27 februari 1795, voerde het bevel over vier schepen onder Prinsen vlag in Engelse dienst, commandant van het eskader in de Middelandse Zee 1814-1815, schout-bij-nacht 1814, vice-admiraal 1815, voerde als vice-admiraal in 1816 een aanval uit op Algerijnse zeerovers, na het mislukken werd hij voor de Hoge Miltaire Vierschaar gedaagd, maar kwam er met een lichte straf vanaf, ging op 1 juli 1827 met pensioen,was toen 65 jaar, kreeg in 1822 toestemming een naamwijziging aan te brengen van Tulleken in Van Hoogenhouck Tulleken, ontving de Doggersbankmedaille, ridder Militaire Willems-Orde 3de kl. en ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, bij K.B. d.d. 1 mei 1847, nr. 9 werd Jan van Hoogenhouck Tulleken verheven in de Nederlandse adel, overl. Den Haag 29 juli 1851, zoon van Mr. Ambrosius Tulleken, schepen van Middelburg, en Susanna Margaretha van Hoogenhouck.
Hij huwde 1e Lissabon 9 november 1788 met Martha Brander, geb. Lissabon 19 januari 1769, overl. Den Haag 15 december 1817, dochter van James Brander en Anna Bolton.
Hij huwde 2e Den Haag 4 juni 1829 met Jkvr. Wilhelmina Adriana Mervill van Carnbee, geb. Den Haag 1 augustus 1778, overl. Den Haag 31 maart 1851, dochter van Pieter baron Mervell van Carnbee, heer van Op- en Neder-Andel, en Johanna Albertina von Daehne.
Bron(nen) en lit.:
  • Van Hoogenhouck Tulleken; in Nederland’s Adelsboek (1952), blz. 446.
  • Mervill van Carnbee; in: Nederland’s Adelsboek jrg. 88 (1999), blz. 254.
  • Biografisch Woordenboek der Nederlanden, deel 8-2, blz. 1125.
  • L. Eekhout, Het Admiralenboek, d vlagofficieren van de Nederlandse marine 1382-1991; blz. 86. Amsterdam 1992.
Wapen:
  • Nederland's Adelsboek, jrg.78 (1987) blz. 101, Nederland's Adelsboek, jrg. 45 (1952) blz. 458.
  • De Nederlandse Adel, 1989, blz. 225.
  • Wapenboek van den Nederlandschen Adel, door J.B. Rietstap, pl. 90.
Afbeelding:
  • Museum De Lakenhal S 218
Vervaardiger:
  • Jan Baptist van der Hulst (1844)